Klooster Sint-Vincentius a Paulo


Historiek

Oorspronkelijk kreeg het instituut van de ‘Congregatie van de Zusters van Sint-Vincentius a Paulo’ de naam van ‘Dienstmaagden der Armen’, dit volgens de wil van de stichteres gravin Elisabeth de Robiano die de opvattingen van Sint-Vincentius zeer genegen was.

HK Denderland_instituut

Wie was Vincentius

Vincentius werd vermoedelijk op 24 april 1576 als derde in het eenvoudige gezin Depaul geboren te Pouy bij Dax, dat sinds 1828 is omgedoopt in St-Vincent-de-Paul. Op 23 september van het jaar 1600 tot priester gewijd door de bisschop van Périgueux. Hij deed zijn eerste mis in een afgelegen kapelletje in het bijzijn van twee geestelijken. Deze eenvoud zou, in navolging van haar grote voorbeeld, de barones ook sieren.

De stichteres

Zelden hebben we kennis gemaakt met zo’n indringend levensverhaal als dat van gravin Elisabeth de Robiano de grondlegster van dit centrum van geloofsijver in Gijzegem. We menen dat het eerder ongewoon is dat een dame van zo’n hoge adellijke afkomst, zó eenvoudig is gebleven dat ze zich vooral over de armen en de behoeftigen ontfermde. Ze bezat bovendien een uitzonderlijke werkkracht waardoor het haar mogelijk was heel wat belangrijke projecten in haar leven te verwezenlijken. Door haar huwelijk met baron Charles le Candèle verwierf zij ook de titel van barones, vandaar de duale titelomschrijving in sommige teksten. Een combinatie van bepalende factoren met de nobele hoedanigheden van haar hoogstaande geest, heeft er uiteindelijk toe geleid dat ze er in geslaagd is buitengewone dingen te realiseren. In de politiek moeilijke tijden onder keizer Napoleon en koning Willem I profileerde ze zich als een ware behoedster van het katholieke geloof. Dit gebeurde op een subtiele manier en dank zij het doeltreffend functioneren van een haast perfect gestructureerd netwerk van vrienden uit de hoogste politieke milieus en geestelijke gezagsdragers. Niet alleen teveel privileges, maar ook ideologische en maatschappelijk belangrijke waarden gingen volgens haar verloren door onrechtvaardige, eenzijdig opgedrongen beslissingen.
In de intieme beslotenheid van haar kasteel in Gijzegem, kwam ze weer tot zichzelf tijdens de harde, ongenadige, in ’t bijzonder moreel moeizame strijd die ze moest voeren tegen de toenmalige heersers over onze contreien. Haar talrijke invloedrijke tussenkomsten van zowel financiële als godsdienstige aard, maakten van haar een prominente figuur die aan de basis lag van heel wat projecten die een blijvende stempel zouden drukken op het sociaaleconomisch leven uit die tijd. Door haar caritatieve ingesteldheid was ze de eigenlijke grondlegster van heel wat educatieve initiatieven in Gijzegem, waarvan de uitstraling de grenzen van deze ex-autonome gemeente ver overstijgt.

 

Dienstmaagden der Armen

 

HK Denderland_instituut

We mogen stellen dat de meest tot de verbeelding sprekende, blijvende realisatie en werk dat Elisabeth de Robiano overleefde, de stichting was van een kloosterfamilie, nl. deze van de ‘Dienstmaagden der Armen’ van Gijzegem. We weten uit de annalen van het klooster dat baron en barones le Candèle het volstrekt eerlijk meenden met hun verplichtingen tegenover de kleine man. De armoede en het gebrek aan ontwikkeling van de kinderen uit de volksklasse, trokken hun de aandacht en ze wilden eraan verhelpen. Uit dezelfde bronnen weten we dat de barones en haar man in 1812 een hospitaal begonnen, maar zonder succes. Monseigneur de Broglie raadde haar aan een school voor arme kinderen te openen. Het advies van deze laatste beschouwde de barones als een heilige plicht. Ze zou een school stichten. Marie Vermassen, een meisje uit Smetlede, maakte een eerste stap in die richting mogelijk. Toen ze in 1817 de barones haar diensten aanbood, werd ze naar de zusters van de armenschool in Moorslede gezonden om daar de nodige opleiding te krijgen. Monseigneur de Broglie –bisschop van Gent - door Willem I veroordeeld, vond een schuilplaats in het kasteel van de barones van Gijzegem. Na een tijd scheen de bisschop niet meer in veiligheid. Om hem aan Willem I te laten ontsnappen, leidde de barones hem incognito naar het kasteel van Dadizele waar de echtgenote van graaf Philippe de Croix, in Moorslede zuster Barbara Cool aanwees om een spinschool in haar dorp te openen en te leiden. Deze laatste was zeer godvruchtig en uiterst bedreven in het spinnen. In januari 1818 verliet ze haar communiteit, vergezeld door een zeventienjarige leerlinge, Sophie Engels. Te Gijzegem wachtte op haar de daar reeds aanvaarde Marie Vermassen uit Smetlede. Met zuster Barbara begon op 21 januari de spinschool. Onder de kinderen van Gijzegem werden er vier van de armste uitgekozen, maar hun namen staan nergens vermeld. Op 21 januari trok men naar een huis aan de Dorpsstraat dat eigendom was van baron le Candèle. Bij een geïmproviseerd altaartje werd de openingsplechtigheid van het schooltje gevierd.

Kasteelkapel of Oratorium

Begin van de negentiende eeuw woonde het gezin Charles le Candèle-Elisabeth de Robiano in het kasteel van Gijzegem. In de tuin van dit kasteel dat in 1954 werd afgebroken, staat een gebouw dat vroeger dienst deed als kapel, ook kluis genaamd, waar pater Le Maître voor de geestelijke begeleiding van de zusters zorgde. De fundamentele deugden moesten voor madame le Candèle de spiritualiteit bepalen: nederigheid, eenvoud en liefde. Doch, in 1824 mocht er van de Hollandse regering geen kloosterkleding meer gedragen worden. Canoniek moet een congregatie een overste hebben, door het bisdom aangeduid; anders mogen er geen geloften afgelegd worden. Kanunnik Verhaegen, pastoor van het klein begijnhof te Gent kwam naar Gijzegem om zich te initiëren in de spiritualiteit en in de werken van de zusters. Hij zorgde voor de retraite van de eerste kandidaat-zusters. Sophie Engels, Agnes Pattijn en mère Barbe zouden samen hun geloften afleggen in de nieuw gestichte congregatie. Dit gebeurde in het reeds geciteerde oratorium op het kasteel te Gijzegem, op 14 december 1819.
Vanaf dat ogenblik viel de groep zusters onder de kerkrechterlijke term van congregatie.
En het groepje groeide voortdurend aan. Latere naamlijsten vermelden op het eind van 1820 reeds achttien zusters; eind 1823 staan er reeds vijfenveertig genoteerd. Het moet gezegd dat het schooltje in Gijzegem helemaal beantwoordde aan het type spin- of werkscholen uit die tijd, soms ook wel armenscholen genoemd, waar arme meisjes konden leren spinnen, naaien en breien. Naast deze handvaardigheden werd ook elementair onderricht gegeven in lezen, schrijven en godsdienst, zelfs wat rekenen. In het kleine huisje dat de kinderen aan de Dorpsstraat bezochten en waarin de zusters woonden, kregen ze een spinnewiel en een bundel gezwingeld vlas ter beschikking. Vandaar dat dit huis spoedig de naam ‘Spinhuys’ kreeg.
Omwille van de orde en de tucht moesten de onderwijzeressen een uniform dragen. Zuster Barbe was een echte religieuze en behield haar eigen kloosterkledij. Ze bracht haar leefregel en schoolreglement uit Moorslede mee. De barones drong erop aan dat Sophie Engels en Marie Vermassen, die geen religieuzen waren, tenminste de novicenkledij zouden dragen, omwille van het gezag. Het leerlingenaantal vermeerderde gestaag en zelfs meer bemiddelde ouders vroegen of hun kinderen ook mochten komen. Door hen de lessen te laten vergoeden kon men de kosten van het armenonderwijs en het onderhoud van de zusters betalen. Weldra was het huis te klein en in juni 1818 werd de verbouwing van het Spinhuys aangevat. Toen de barones in 1818 op bezoek was in Dadizele, bood een vijftienjarig meisje zich aan, Amelie Pattijn die verlangde religieuze te worden. Zuster Barbe kreeg de leiding van het kleine groepje. Korte tijd daarna werd ook Marie Poppe, aanvaard. Het kleine Spinhuys was een beginnend kloostertje geworden. Elisabeth was erg geschrokken door wat ze ondernomen had en zag in dat men niet zomaar een klooster sticht zonder goedkeuring van het bisdom. Onder de achtergebleven geestelijken van de uit Gent door koning Willem I verjaagde jezuïeten vond madame haar eerste grote helper in de persoon van pater Vincent Le Maître. Deze stelde een leefregel op die reeds op 13 mei 1819 door monseigneur de Broglie goedgekeurd werd. De tekst was grotendeels gebaseerd op de regel die Sint-Vincentius aan zijn dochters gaf.


HK Denderland_instituut

Na de eerstvolgende jaren moest er dringend voor uitbreiding van gebouwen gezorgd worden wegens het groeiend aantal zusters. Er waren de klassen voor de arme kinderen.  Door het aanvaarden van pensionaires uit meer gegoede milieus werd gezorgd voor inkomsten. Het leerprogramma vermeldt: spinnen, godsdienst, lezen, schrijven en rekenen. In 1822 verhuist de spinschool naar de hoek van de Stationsstraat (huidige Pachthofstraat) en de Dendermondse steenweg (nu Steenweg naar Oudegem), terwijl in de Stationsstraat klassen werden gebouwd voor de pensionaires. In de annalen lezen we dat er in 1825 in het gebouw op de hoek van de Stationsstraat een kapel is ingewijd. Ze leefden streng, die eerste zusters; ze leefden sober en misschien te arm, want meerdere zusters stierven jong. Want vaak ondervoed vanaf hun kinderjaren, waren ze tegen dergelijk leven van offer, toewijding en onthechting niet bestand en het regime werd versoepeld. Toch hield het ‘Spinhuys’ stand en breidde het immer verder uit. Er kwamen zowat overal filialen vooral door toedoen van mecenaat: in 1820 te Anvaing, in 1821 te Bazel, in 1823 te Drongen en te Berlare. De activiteiten van de zusters voor het verbreiden van het geloof verspreidden zich vooral naar bijhuizen in gans België en er werden missieposten opgericht in Brazilië, Congo en Kameroen. De congregatie van Gijzegem was voornamelijk actief op het vlak van onderwijs: kleuter-, lager en secundair onderwijs. Zo werd in Gijzegem in 1877 gestart met een normaalschool en telde de congregatie 43 bijhuizen aan de vooravond van haar honderdjarig bestaan in 1918, met ongeveer 600 zusters. Sinds 1896 waren ook al zusters actief in missieposten in Brazilië. De kloostergemeenschap werd later ook actief in Congo, in Kameroen, Zuid-Afrika, Paraguay, Uruguay en in Argentinië. Maar het hoogste aantal zusters werd bereikt in de jaren 1940 en 1950. Zo steeg in de periode vóór de aanvang van de tweede wereldoorlog de aangroei van de kloosterzusters tot bijna 750 zusters, verspreid over meer dan 90 bijhuizen. Door een vermindering van nieuwe roepingen en het toenemend aantal uittredingen kwam er echter een dalende tendens. In Brussel bevindt zich sedert 1969 de zetel van de congregatie die wordt geleid door een generaal overste. Ze bestaat uit drie autonome provincies in België, Brazilië en Congo en drie districten, nl. Kameroen en Zuid-Afrika en het district Paraguay – Uruguay – Argentinië van de Braziliaanse provincie.

Enkele kanttekeningen bij de evolutie van het klooster.

Ingevolge het feit dat het klooster reeds jaren te kampen had met gebrek aan nieuwe intredes werden alternatieve invullingen gezocht. De eerste stappen werden gezet door het bouwen van de rust- en verzorgingscentra ‘Aqua Vitӕ’ (gestart in 1996) en een tweede project ‘Vivendum’ daterend van 2010. De serviceflats ‘Aqua Vitae’ zijn gebaseerd op een christelijk geïnspireerde visie met respect van ieders overtuiging. Een multidisciplinair deskundig team staat in voor optimale kwaliteitszorg en een open en hartelijk woon-, leef-, en zorgklimaat. Het instituut heeft daardoor een ware metamorfose ondergaan.
Het is verbluffend vast te stellen dat de grondgedachte van de stichteres van de congregatie, wijlen gravin Elisabeth de Robiano toch nog gerealiseerd wordt, nl. het concretiseren van haar eerste levenswerk dat ze op het oog had, d.w.z. een rusthuis bouwen voor ouderen van dagen, waarmee de cirkel rond is.
We kunnen alleen maar besluiten en vaststellen dat de geest van de stichteres, m.n. gravin Elisabeth de Robiano, die zelf geen geestelijke was, nog steeds voelbaar aanwezig is in al de taken die door de momenteel nog aanwezige zusters worden uitgeoefend.


 

HK Denderland_gijzeg postkaarten

Overzicht van de evolutie van het klooster en zijn gebouwen volgens de annalen

1818: - De missie van barones Elisabeth de Robiano, stichteres van de Zusters van Sint-Vincentius à Paulo te Gijzegem, nam een aanvang met de oprichting van een spinschool voor arme meisjes en jongens in de vroegere Dorpstraat (na de straatnaamwijziging veranderd in Gijzegem-Dorp). Het studieprogramma: spinnen, godsdienst, lezen, schrijven en rekenen.
1819: - Sophie Engels, Agnes Pattijn en mère Barbe leggen op 14 december 1819 samen hun geloften af in de nieuw gestichte congregatie ‘Dienstmaagden der Armen’ in het oratorium.
Vanaf dat ogenblik viel de groep zusters onder de kerkrechterlijke term van congregatie
1820: - Begin pensionaat lagere school. De eerste betalende “pensionaires” worden aanvaard. Eerste bijhuis in Anvaing.
1822: - In dat jaar verhuist de spinschool naar de hoek van de Stationsstraat en de Steenweg op Dendermonde. In de Stationsstraat worden klassen gebouwd voor de pensionaires.
1823: - Dat de congregatie St. Vincentius a Paulo van Gijzegem een belangrijke rol speelde in de ontstaansgeschiedenis van heel wat scholen staat geboekstaafd in de annalen. Het begon met de oprichting van een school in Berlare. Hierna volgden tal van andere gemeenten uit de onmiddellijke omgeving van Gijzegem en later in heel het land: Hofstade, Aalst, Moorsel…
1824: - De stichteres laat een kapel bouwen aan het klooster (eerste congregatiekapel) voor de pensionaires en de zusters. Vanaf dat jaar mocht het ordekleed gedragen worden.
1825: - E.H. Maerckx wordt tot directeur van het klooster benoemd.
1830: - De zusters mochten opnieuw de religieuze kledij dragen.
1835: - Op 29 juli leggen 70 zusters hun eeuwige geloften af. Voordien tijdelijke geloften.
1838:- In dat jaar telde de congregatie reeds drie armenscholen, vijf werkplaatsen, tien lagere scholen (daarin werd meer onderricht gegeven dan in de armenscholen), twee bewaarscholen, drie zondagsscholen en één naaiwerkplaats.
1839: - Door het verminderen van de belangstelling voor de spinschool, wordt een kantschool opgericht met algemene vakken (hoek Stationsstraat en Steenweg op Dendermonde).
1840: - De algemene regel voor de congregatie werd door bisschop L.-J. Delebecque goedgekeurd.
1842: - Lagere school van Gijzegem wordt door het “Gouvernement” erkent.
1843: - In dat jaar waren er al 22 bijhuizen opgericht.
1845: - Op 2 juni, eerste steenlegging voor de nieuwe kapel.
1846: - Op 7 september volgt de wijding van de nieuwe kapel door Mgr Delebecque. De oude kapel wordt gebruikt voor vergaderingen en is sinds 1990 omgevormd tot bibliotheek.
1851: - Uitbreiding van het pensionaat in de Stationsstraat met een nieuwe vleugel.
1860: - Begin van de “bewaarschool” hoek Stationsstraat en Steenweg op Dendermonde.
1864: - Op 8 september overlijdt Elisabeth de Robiano in Tervuren. Haar stoffelijk overschot werd ter aarde besteld in de grafkelder aan de Sint-Martinuskerk te Gijzegem.
1873: - Inwijding van het nieuwe standbeeld van de H. Jozef beschermheer van de congregatie.
1874: - Begin bouw normaalschool.
1877: - De Nederlandssprekende aspiranten worden voortaan in het Nederlands onderricht.
1879: - Schoolstrijd door indiening van een wetsontwerp van de liberale minister van onderwijs Van Humbeeck. Belangrijk was dat het godsdienstonderricht niet langer deel uitmaakte van het leerplan. Dit was mede het begin van een harde schoolstrijd die duurde tot 1883.
1880: - De bewaarschool en de lagere school verhuizen naar de Kapellestraat (nu Gravin de Robianostraat), naar het zogenaamde ‘externaat’. Dit gebouw werd in 1998 afgebroken.
1885: - De normaalschool wordt als opleidingscentrum voor onderwijzeressen door het gouvernement aangenomen. De lagere school wordt voor het eerst aangenomen door de gemeente en er worden toelagen betaald.
1893: - Vergroten van de kapel onder het generalaat van Mère Leonce Suys. Bouw infirmerie. Externaat werd opgetrokken. In dat jaar wordt de bewaarschool aangenomen.
1894: - Oprichting van de normaalschool voor kleuterleidsters.
1896: - Vertrek van de eerste missiezusters naar Brazilië.
1898: - Bouw nieuwe normaalschool.
1901: - Bouw nieuw externaat.

HK Denderland_gijzeg postkaarten

1909: - In oktober worden in Gijzegem petroleumlampen vervangen door elektrisch licht.
Bouw elektriciteitscentrale en dra verving het elektrisch licht de honderden petroleumlampen.
1914: - Begin handelsschool.
1915: - Einde landbouwschool.
1916: - Begin 4de graad klassen.
1918: - Op 21 januari wordt het honderdjarig bestaan van de congregatie gevierd.
1921: - Inhuldiging van het beeld van het H. Hart in de tuin op 21 juni om 9 u ’s morgens.
1926: - Installatie elektriciteitscabine. Plaatsen van elektriciteit in de grote kapel, in de nieuwe refter van het pensionaat en in de feestzaal van de normaalschool. Vergroten normaalscnool.
1930: - Eerste stichting van missiepost te Vaku in Zaïre.
1937: - Einde zondagsschool. De Kapel van O.L.Vrouw van Lourdes – Dendermondse Steenweg – wordt afgebroken en herbouwd voor wegverbreding.
1939: - Aankoop van de eigendom , gelegen in de Dorpsstraat, van de paters eudisten die terug naar Frankrijk vertrokken.
1943: - Viering 125 jarig bestaan van de congregatie.

HK Denderland_gijzeg postkaarten

Foto daterend uit 1950. De toen nog zeer talrijke ‘wit-gekapte’ Zusters van Sint-Vincentius a Paulo in retraite verzameld in de congregatiekapel. Dit betekende een periode van afzondering voor godsdienstige overdenkingen, gebeden en gewetensonderzoek. Een historisch beeld van bijzondere devotie dat voorgoed tot het verleden behoort (AZG).

1945: - Bouwen van de kapel O.L.Vrouw van Banneux (hoek Stationsstraat en Kruisstraat).
1951: - De klokkentoren wordt vernieuwd en de klok, die een mooiere klank werd gegeven,  wordt gewijd op 25 juni. Op de toren en in de refter wordt een automatisch uurwerk geplaatst.
1956: - Op 19 maart wordt een nieuw orgel geplaatst in de kapel.
1960: - Afschaffing van de vierde graad. Op de plaats van de boerderij en de stallingen van het klooster in de Kapellestraat komt een nieuw gebouw met zeven klassen en gymzaal.
1977: - Honderdjarig bestaan normaalschool.
1982: - Het huis in Hofstade wordt gesloten.
1987: - De lagere school wordt een gemengde school. 14 Juni zending zusters naar Kameroen.
1989: - Slopen van de laatste stallingen, verouderd sanitair en huis in de Kapellestraat.
1990: - Spinhuisklanken en contactblad van de congregatie verschijnen voor de eerste maal.
1992: - Pasen: Kapelklok geautomatiseerd.
1993: - Op 23 januari viering 175 jarig bestaan.
1995: - Viering 100 jaar kleuternormaalschool. Op 28 april 1995 inplanting in Argentinië.
Op 1 september 1995 wijzigt de normaalschool in KAHO Sint-Lieven.

1996: - Op 19 maart wordt de O.L.Vrouw van Lourdeskapel electriciteitskabine.
1998: - De ‘normaalschool’ verlaat Gijzegem en wordt opgenomen in de KAHO-Sint-Lieven te Nieuwerkerken (Campus Aalst). Het oudste gebouw van onze school maakt plaats voor de nieuwbouw van het klooster . Op 4 mei start bouw R.V.C. op 8 juni start nieuwbouw A.C.
2000: - Inwijding van de kapel in het gebouw Rust- en Verzorgingscentrum ‘Aqua Vitae’ op 19 maart. Op 8 januari verhuizen 48 zusters van oud naar nieuw gebouw.
2002: - Laatste interne verlaat de school.

2004: - Op 1 januari verandert de straatnaam van onze school. Kapellestraat wordt Gravin de Robianostraat, dit als aandenken aan de stichteres van de kloosterorde (1773-1864).

2004: - Van 20 t/m 22 mei houdt de Heemkundige Kring Denderland een tentoonstelling over Elisabeth de Robiano in de zaal Kievit in de Vereeckenstraat.

2007: - Erkenning van een deel van het klooster als rustoord Bethanië- Emmaüs.
2008: - In juni vergunning voor de bouw van Service-flats toegekomen. In juni afbraakwerken.
2010: - Het nieuwe Rust- en Verzorgingscentrum ‘Vivendum’ wordt in dienst gesteld.


Bronnen:

M. DE JAEGER, Onderwijs bij de zusters van St. Vincentius a Paulo “Dienstmaagden der Armen” van Gijzegem, KU Leuven, 1970.
L. PIRSON, Elisabeth de Robiano, Averbode 1987.
W. VAN PAEPEGHEM, artikelenreeks Gravin Elisabeth de Robiano, madame le Candèle, barones de Ghyseghem. Ledenblad Heemkundige Kring Denderland 2004-2008.
Archief Zusters Gijzegem (A.Z.G.). Jeugdherinneringen door Elisabeth de Robiano, manuscript.
Annalen zusters Gijzegem.
Boek ‘Gijzegem: Overzicht van het Religieus Patrimonium – tekst W. Van Paepeghem, foto’s H. Timmerman.’

Willy VAN PAEPEGHEM


Foto's